Stopzetting TWERES elektronisch loket voor bezwaarprocedure tegen belasting op tweede verblijven in De Panne, Knokke-Heist en Koksijde

Het bestuur van TWERES vzw heeft beslist om met ingang van 2026 haar “actie gemeentebelasting” stop te zetten en niet langer nog individuele bezwaarprocedures tegen de  gemeentebelasting op tweede verblijven in De Panne, Knokke-Heist en Koksijde te faciliteren via een elektronisch loket.

TWERES heeft deze procedures gefaciliteerd en ondersteund omdat de rechtspraak van het Hof van beroep te Gent deze belasting herhaaldelijk onwettelijk heeft beoordeeld op grond van de schending van het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod. De rechtspraak was vooral gesteund op de vaststelling dat vaste inwoners in De Panne, Knokke-Heist en Koksijde vrijgesteld werden van aanvullende personenbelasting.

De gemeenteraden van De Panne en Koksijde hebben in december 2025 beslist dat, vanaf 1 januari 2026, de vaste inwoners in die gemeenten een aanvullende personenbelasting zullen moeten betalen van 5 procent. Als gevolg daarvan zal de rechtspraak de belasting op tweede verblijven, zelfs al wordt die in De Panne drastisch verhoogd (progressief tot 1266 EUR in aanslagjaar 2031), niet meer in strijd achten met het gelijkheidsbeginsel en het verbod op discriminatie. De kans op uiteindelijk succes van een gerechtelijke procedure is bijgevolg zeer miniem geworden.

De gemeenteraad van Knokke-Heist heeft, in tegenstelling tot De Panne en Koksijde, beslist om het zerotarief inzake aanvullende personenbelasting voor vaste inwoners, te handhaven. Bovendien wordt de belasting op tweede verblijven met 22 procent verhoogd. Niettemin zal TWERES ook voor die gemeente geen individuele bezwaarprocedures meer ondersteunen. De kans op succes van een gerechtelijke procedure is ook voor die gemeente veel kleiner sinds het Hof van Cassatie op 15 januari 2026 geoordeeld heeft dat het heffen van een belasting op tweede verblijven als “weeldebelasting” niet zonder meer als onredelijk kan worden beschouwd. Op dit moment wachten we daarom beter af hoe de rechtspraak op dit punt zal evolueren.

In de plaats van individuele gerechtelijke bezwaarprocedures te ondersteunen, zal TWERES echter de nieuwe belastingreglementen van De Panne, Knokke-Heist en Koksijde betwisten bij de Raad van State. Die procedure is recent ingezet en zal wellicht anderhalf jaar duren.

Wanneer u dus in de komende weken en maanden uw aanslagbiljet ontvangt voor de belasting op uw tweede verblijf voor aanslagjaar 2026, stuur dat dan zeker niet meer naar info@tweres.be.

Onze actie gemeentebelasting is vanaf heden stopgezet en van de website verwijderd. In afwachting van het resultaat van de procedures bij de Raad van State, adviseren we u om – voorlopig – de gevraagde belasting te betalen.

Uiteraard kunt u zelf nog individueel een bezwaarschrift sturen naar de gemeente en, bij verwerping daarvan, zelf een gerechtelijke procedure inleiden met een advocaat van uw keuze.

Het is ook vanzelfsprekend dat TWERES de  lopende procedures tegen de gemeentebelasting op tweede verblijven in de drie betrokken gemeenten voor haar leden blijft opvolgen. Voor de uiteindelijke uitkomst van die procedures moet gewacht worden op de gevolgen die het Hof van beroep in Antwerpen zal geven aan de cassatiearresten van 15 januari 2026.

TWERES wil gemeentereglementen over tweedeverblijftaks in kustgemeenten betwisten voor de Raad van State

Het initiatief van TWERES betreft in eerste instantie drie kustgemeenten: De Panne, Koksijde en Oostende. In die drie gemeenten werd een nieuw fiscaal reglement over de belasting op tweede verblijven in het midden van december 2025 uitgevaardigd. De termijn om tegen die gemeentereglementen een verzoekschrift bij de Raad van State in te dienen, bedraagt 60 dagen en verstrijkt half februari 2026.

Aan de Raad van State zal worden gevraagd om de reglementen nietig te verklaren. Daarvoor worden door de advocaat met wie TWERES hiervoor samenwerkt (Mr. Engelen, Antaxius-Antwerpen) een aantal juridische argumenten aangebracht. De procedure duurt meestal anderhalf tot twee jaar. Indien het verzoek wordt ingewilligd, moeten de betrokken gemeenten de belastingen die zij vanaf 1 januari 2026 op basis van het vernietigde reglement hebben geïnd, aan alle belastingplichtigen terugbetalen. Recent was dat, bijvoorbeeld, het geval voor de provincietaks in West-Vlaanderen.

TWERES wil graag de kosten dragen van de procedures voor de Raad van State en kan ook zelf niet optreden als procespartij.

Om het initiatief financieel mogelijk te maken, wordt een collecte georganiseerd. Wie het initiatief genegen is, kan een gift storten van 20 euro, 50 euro of meer op het rekeningnummer van de vzw TWERES: BE05 7360 7116 0375 met vermelding “Actie Raad van State).

TWERES kan ook niet optreden als procespartij. Daarvoor hebben we voor elk van de vier gemeenten minimaal vijf eigenaars van tweede verblijven in die gemeenten nodig die bereid zijn om hun naam te plaatsen op het verzoekschrift. De vereniging roept dus leden en niet-leden op om zich te melden via mail info@tweres.be of op het mobiel nummer van TWERES: 0485 169 145. We leggen er de nadruk op data eigenaars die hun naam op het verzoekschrift willen plaatsen, geen enkel juridisch of financieel risico dragen.

TWERES zoekt in de vier kustgemeenten daarnaast ook vaste inwoners die één of meer woningen verhuren aan tweedeverblijvers.

Om binnen de termijn de procedures voor de Raad van State te kunnen inleiden, moet er zeer snel gehandeld worden. We roepen dus op om u snel bij de actie te voegen, via financiële ondersteuning of als potentiële procespartij. Uiterste datum: 5 februari 2026. Zonder uw ondersteuning kunnen we dit niet doen.

Cassatiearresten over Knokke en Koksijde: wat zijn de gevolgen?

Ondertussen hebben we de arresten kunnen lezen die het Hof van Cassatie op 15 januari 2026 heeft geveld. Het Hof verbreekt daarin twee arresten die door het Hof van beroep te Gent werden uitgesproken op respectievelijk 2 mei 2023 (in de zaak van Knokke-Heist tegen A.J.L. tegen Knokke-Heist) en 6 februari 2024 (in de zaak van Koksijde tegen H.V en S.S). Beide zaken betreffen bezwaarprocedures van eigenaars tegen de gemeentebelasting van aanslagjaar 2020 op hun tweede verblijf in die gemeenten). In de cassatieprocedures betreffende de gemeentebelasting op “toeristische verblijfplaatsen” (tweede verblijven in recreatieparken) in Koksijde, wordt nog op het oordeel van het Hof van Cassatie gewacht.

Waarom werden de arresten van het Hof van beroep verbroken?

In de twee arresten van 15 januari verbreekt het Hof van Cassatie de twee arresten van de beroepsrechter om dezelfde reden. Volgens het Hof heeft het Hof van beroep zonder correcte verantwoording aangenomen dat het heffen van een belasting op eigenaars van tweede verblijven in strijd is met het gelijkheidsbeginsel wanneer die belasting gemotiveerd is als “weeldebelasting”. Het Hof van beroep kon, volgens de cassatierechters, niet tot dat besluit komen, louter op grond van het motief dat het “onredelijk is om aan te nemen dat een onroerend goed waarvoor geen inschrijving in het bevolkingsregister is genomen in de regel een tweede onroerend goed in eigendom betreft en de belastingplichtigen derhalve in de regel personen met voldoende middelen zijn”.
Het Hof van Cassatie oordeelt dus dat over het algemeen genomen een onroerend goed dat niet bewoond wordt door vaste inwoners in de betrokken gemeenten, eigendom is van iemand met voldoende middelen, die dus in aanmerking komt voor een weeldebelasting. Het gelijkheidsbeginsel is dus niet geschonden omdat enkel die belastingplichtigen over die weelde beschikken.
Uiteraard is er dan nog wel een ongelijkheid tussen eigenaars van onroerende goederen die verhuurd worden aan vaste inwoners en eigenaars die verhuren aan “tweedeverblijvers”. Die redenering is echter in de verbroken arresten niet uitgewerkt.

Onmiddellijk gevolg voor de betrokken eigenaars

Het onmiddellijke gevolg van de verbreking van beide arresten, is de verwijzing naar het Hof van beroep in Antwerpen. Daar wordt voor beide dossiers de zaak opnieuw ten gronde bekeken. Dat kan enkele jaren duren en de uiteindelijke uitspraak moet door de betrokken tweedeverblijvers (dus door AJL. en HV-SS) worden afgewacht.

Gevolgen voor de lopende procedures

Voor de lopende procedures (wellicht ruim tweeduizend) moet een onderscheid worden gemaakt. Over de gemeentebelasting in Knokke zijn er door de Hof van beroep in Gent reeds enkele arresten geveld die identiek zijn aan het arrest dat nu is verbroken. Er kan worden verwacht dat de gemeente ook in die dossiers cassatieberoep zal instellen, zodat die zaken uiteindelijk ook in Antwerpen behandeld zullen worden.
Voor de lopende procedures waarin nog geen eindarrest van het Hof van beroep is geveld (de overgrote meerderheid), is de verwachting dat ze naar de algemene rol verwezen zullen worden, m.a.w. uitgesteld minstens tot het Hof in Antwerpen uitspraak heeft gedaan. De houding die de rechtbank van eerste aanleg in Brugge zal aannemen, is onzeker (uitstellen, huidige rechtspraak in het voordeel van de tweedeverblijvers handhaven of de rechtspraak aanpassen ingevolge de recente cassatiearresten).
Dat laatste geldt voor de lopende procedures in Knokke-Heist en Koksijde. De situatie is anders voor De Panne, omdat tegen de arresten van het Hof van beroep betreffende de gemeentebelasting in die gemeente, nog geen voorziening in cassatie is ingeleid.

Wat met de nieuwe reglementen?

Voor de toekomst moet gekeken worden naar de nieuwe fiscale gemeentereglementen die gelden vanaf 2026. Die reglementen zijn reeds uitgevaardigd door De Panne en Koksijde (op 17 december 2025), maar nog niet door Knokke-Heist. Zoals bekend, voeren zowel De Panne als Koksijde vanaf 2026 een aanvullende personenbelasting in van 5 % maar de belasting op tweede verblijven wordt tegelijk verhoogd. Momenteel wordt onderzocht of tegen die gemeentereglementen (en tevens tegen deze in Blankenberge en Oostende), met kans op succes een verzoekschrift kan neergelegd worden bj de Raad van State.

We houden u op de hoogte van het vervolg.

Cassatie verbreekt arresten van het Gentse Hof van beroep over de tweedeverblijfsbelasting

Minder goed nieuws. We vernemen dat het Hof van Cassatie op de zitting van 15 januari 2026 de arresten van het Hof van beroep heeft verbroken waarin dat Hof de gemeentebelasting op tweede verblijven in Knokke-Heist en Koksijde in strijd achtte met het gelijkheidsbeginsel. Eerder, begin december, had de advocaat-generaal reeds in die zin geadviseerd en de verbreking was min of meer te verwachten. In zijn advies schreef de advocaat-generaal dat het Hof van beroep niet mag oordelen dat een “weeldebelasting” op tweede verblijven “onredelijk” is.
Het gevolg van de cassatiearresten is dat de betrokken zaken opnieuw behandeld moeten worden, ditmaal door het Hof van beroep in Antwerpen. Die procedures kunnen best nog enkele jaren duren.
Ondertussen valt af te wachten hoe het Hof van beroep in Gent en de rechter in eerste aanleg in Brugge nu gaan reageren in de nog lopende procedures. Het is niet onmogelijk dat zij hun rechtspraak zullen aanpassen maar zeker is dat niet en ook niet in welke zin dat zij dat eventueel zullen doen.
Met de advocaten gaan we nu in elk geval overleggen welke stappen nu van onze kant best ondernomen worden, vooral in de lopende procedures.

De Panne en Koksijde willen gemeentebelasting optrekken naar 5% – TWERES wacht details af over aangekondigde verhoging belasting op tweede verblijven

VZW TWERES neemt kennis van de mededeling van de gemeentebesturen van De Panne en Koksijde waarin wordt aangekondigd dat de aanvullende personenbelasting (APB) vanaf aanslagjaar 2026 van 0% naar 5% wordt gebracht. Een gelijkaardig voorstel ligt ook in Koksijde op tafel. Daarmee keren beide gemeenten terug naar een situatie waarin vaste inwoners opnieuw bijdragen via de APB, zoals in de meerderheid van de Vlaamse gemeenten het geval is.

Een stap richting meer fiscale evenwichtigheid

TWERES vindt de afschaffing van het zerotarief voor vaste inwoners in se rechtvaardig. De situatie waarin vaste inwoners jarenlang géén aanvullende personenbelasting betaalden, terwijl eigenaars van tweede verblijven wel een zware belasting droegen, week af van wat in Vlaanderen gangbaar is. De herinvoering van de APB kan daarom worden beschouwd als een stap naar een beter fiscaal evenwicht.

Onzekerheid blijft over aangekondigde verhoging belasting tweede verblijven

In dezelfde communicatie kondigde de burgemeester van De Panne echter aan dat de belasting op tweede verblijven zal worden verhoogd. Ook in Koksijde wordt hierover gesproken.
Welke concrete maatregelen dit precies zullen omvatten, is vooralsnog onbekend. TWERES wacht daarom de publicatie van de nieuwe belastingreglementen af om de precieze impact voor eigenaars van tweede verblijven te beoordelen.

Rechtszaken: meer dan 1.600 lopende procedures via TWERES

Sinds 2020 hebben jaarlijks ruim 300 tweedeverblijvers via TWERES een rechtszaak ingeleid tegen de gemeentelijke belastingreglementen in De Panne, Koksijde en Knokke-Heist.
Het totale aantal lopende procedures bedraagt ondertussen meer dan 1.600, enkel al voor dossiers die via TWERES werden opgestart.

De procedures slepen vaak lang aan omdat de betrokken kustgemeenten alle rechtsmiddelen uitputten, tot en met het Hof van Cassatie. Daardoor blijven vele dossiers jarenlang hangende en is er voor de eigenaars van tweede verblijven veel rechtsonzekerheid.

TWERES bestudeert nieuwe reglementen alvorens verdere stappen te adviseren

Gelet op recente rechtspraak, waarbij verschillende rechtbanken de bestaande belasting op tweede verblijven steevast strijdig achtten met het gelijkheidsbeginsel, is het essentieel om te onderzoeken of een nieuw of verhoogd belastingregime juridisch standhoudt.

TWERES zal de nieuwe reglementen van De Panne en Koksijde grondig analyseren zodra deze officieel worden bekendgemaakt. Pas op basis van die juridische beoordeling zal worden beslist of het voor eigenaars van tweede verblijven zinvol is om verdere procedures op te starten en of dergelijke stappen reële slaagkansen hebben.

Tot slot

TWERES blijft zich inzetten voor een correcte, transparante en niet-discriminerende fiscaliteit aan de Vlaamse kust. Zodra de nieuwe reglementen beschikbaar zijn, zal TWERES haar achterban en het brede publiek informeren.

De Panne en Koksijde brengen de gemeentebelasting voor vaste inwoners op 5 procent vanaf aanslagjaar 2026

De burgemeester van De Panne heeft aan de vaste inwoners van zijn gemeente vandaag, 28 november, een brief gestuurd waarin hij een drastische wijziging van het gemeentelijk fiscaal beleid aankondigt. Hij schrijft:

Beste inwoner,

Jij en ik betalen sinds 2008 geen aanvullende personenbelasting (APB) meer, terwijl inwoners van vrijwel alle andere Vlaamse gemeenten wél 5 tot 9% APB betalen.

In plaats daarvan werd in 2008 een hogere tweedeverblijfsbelasting ingevoerd. Een kleine groep tweedeverblijvers is het daar echter niet mee eens, daarom stappen ze elk jaar opnieuw naar de rechtbank. Hun voornaamste argument is dat het gelijkheidsbeginsel geschonden wordt.

Helaas beginnen de rechters te oordelen in ons nadeel, en dreigen we dus een toekomstige rechtszaak tegen ons belastingreglement te verliezen. De oplossing is de belastingen voor inwoners en tweede verblijvers op gelijke hoogte brengen.

Op 15 december moeten we het nieuwe belastingreglement aan de gemeenteraad voorleggen, dat is verplicht. Daarin zal staan dat we 5% aanvullende personenbelasting innen, in evenwicht met de tweedeverblijfsbelasting.
Niet omdat we dat graag willen – integendeel – maar omdat het niet anders kan. Als we dat niet doen, dreigen we namelijk rechtszaken tegen het reglement te verliezen en zouden we mogelijks tientallen miljoenen euro moeten terugbetalen.

De Provincie West-Vlaanderen heeft recent een rechtszaak tegen haar belastingreglement verloren, en is momenteel 36 miljoen euro aan het terugbetalen aan de eigenaars van een tweede verblijf.
Dergelijke bedragen uitbetalen is voor De Panne onmogelijk: de gemeente heeft geen spaarpot van die grootte, en als we die al hadden, zouden we die liever voor andere zaken inzetten.

Als een goede huisvader kunnen we dat risico dus niet nemen. We moeten ervoor zorgen dat we alle lonen en uitgaven kunnen blijven betalen, en dienstverlening kunnen uitvoeren. Zonder financiële onzekerheid.
Daarom voeren we opnieuw 5% aanvullende personenbelasting in en verhogen we de tweedeverblijfsbelasting. Zo wordt het gelijkheidsbeginsel zonder twijfel gerespecteerd. Vanaf nu draagt iedereen op een gelijke manier bij in onze gemeente.

Verder in de brief schrijft de burgemeester dat hetzelfde voorstel ook in Koksijde op tafel ligt.

De voorbije maanden heb ik dit dossier intensief afgestemd met burgemeester Sander Loones van Koksijde, gezien we met dezelfde problematiek kampen. Na de juridische adviezen van de experten kwamen we tot dezelfde conclusie en we zullen dit dan ook gelijktijdig voorleggen aan de gemeenteraad.

Gemeente Koksijde trekt opnieuw naar Hof van Cassatie in belastingdossier

Koksijde, 11 juli 2025 – De gemeente Koksijde heeft cassatieberoep aangetekend tegen negen arresten van het Hof van beroep te Gent, waarin de gemeentebelasting op zogeheten toeristische verblijfplaatsen – tweede verblijven in recreatiezones zoals vakantieparken – strijdig werd bevonden met het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel.

De betrokken eigenaars hadden via TWERES in 2020 bezwaar aangetekend tegen een aanslag die in dat jaar 999 euros bedroeg. De beroepsrechter gaf hen in februari 2025 gelijk. Koksijde stuurde deze week naar elk van hen een deurwaarder om de voorziening in cassatie tegen dit oordeel af te geven.

Volgens TWERES heeft het cassatieberoep van Koksijde weinig kans op slagen en is het vooral bedoeld om tijd te rekken en tweede verblijvers te ontmoedigen in de toekomst nog bezwaarprocedures op te starten. Die strategie heeft echter weinig succes want TWERES ontlast alle betrokken eigenaars van proceskosten en administratieve beslommeringen, inclusief in de fase van het cassatieberoep.

Intussen is ook een cassatieprocedure hangende over de gemeentebelasting op tweede verblijven in woonzones. Een uitspraak in dat dossier wordt tegen eind 2025 verwacht.  Wordt het eerdere arrest (van 6 februari 2024) bevestigd, dan dreigt Koksijde veroordeeld te worden in meer dan vijftienhonderd lopende bezwaarprocedures, met terugbetaling van de heffing en gerechtskosten die kunnen oplopen tot €2.000 per dossier.

Via TWERES zijn immers nu al meer dan duizend bezwaarprocedures opgestart tegen de belasting op tweede verblijven en toeristische verblijfplaatsen in de kustgemeente. Sinds begin 2024 is Koksijde door de rechtbank in eerste aanleg te Brugge al in honderden van die procedures in het ongelijk gesteld en wordt, gelet op de lopende cassatieprocedure, gewacht op behandeling in hoger beroep. Honderden gelijkaardige procedures lopen ook tegen de gemeentebelasting op tweede verblijven in Knokke-Heist en De Panne

Gemeentebelasting op tweede verblijven in De Panne: stand van zaken (02/26)

Eigenaars die reeds in 2020 via TWERES een bezwaarprocedure hebben ingeleid tegen de gemeentebelasting in De Panne, vragen zich af hoever het nu staat met die procedures. Daarom vatten we hier even de stand van zaken  samen.

Eerst en vooral heeft het gemeentebestuur de gewoonte om lang te talmen vooraleer ze de beslissing over de verwerping van het bezwaarschrift meedeelt. Voor velen kwam die beslissing er pas eind 2021. Daartegen werd door onze advocaten tijdig beroep ingesteld bij de fiscale rechtbank in Brugge. De eerste uitspraken daarover zijn geveld vanaf het midden van 2023 en die uitspraken waren nagenoeg allemaal (op enkele uitzonderingen na wegens vervanging van de gewoonlijk zetelende rechter door een collega magistraat) in het nadeel van de belastingplichtige. Voor de meeste dossiers die via TWERES zijn ingeleid, loopt ondertussen een procedure in hoger beroep tegen die negatieve vonnissen.

Sinds begin 2024 zijn de vonnissen die in eerste aanleg worden geveld, echter  in het nadeel van de gemeente. De rechtbank, die tot nu toe steeds de bezwaren van de eigenaars van tweede verblijven afwees, oordeelt nu dat het belastingreglement van De Panne, dat momenteel, sinds 1 januari 2020 wordt toegepast en in principe nog tot eind 2025 van toepassing blijft, in strijd is met de Grondwet.  De zeer bondige vonnissen luiden nu als volgt: “Het Hof van Beroep van Gent heeft in een arrest van 24 december 2019 geoordeeld dat het vorige belastingreglement (2016-2019) in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod omdat er geen redelijke verantwoording was voor het verschil in behandeling van eigenaars van een wooneenheid zonder domiciliëring en de eigenaar van een wooneenheid waarop een inschrijving in het bevolking- of vreemdelingenregister werd genomen. De rechtbank sluit zich bij deze zienswijze aan. De motivering in het huidige belastingreglement  voor de periode 2020-2025 is namelijk niet wezenlijk veranderd (nl. forfaitaire weeldebelasting, frequentie van huisvuilomhalingen, kosten van verhoogd politietoezicht, kosten voor aanpassingen gemeentelijke voorzieningen en diensten, bescherming van de lokale woningmarkt, bevordering van residentieel wonen en financiering van de sociale woningbouw).”

De rechter in eerste aanleg in Brugge is dus van opinie veranderd en geeft  sinds begin 2024 de eigenaars van tweede verblijven (“wooneenheden zonder domicilie”) gelijk. Voorlopig is de gemeente De Panne tegen die vonnissen nog niet in beroep  gegaan.  De gemeente nam een afwachtende houding tot het Hof van beroep zich een eerste keer zou uitspreken over de wettigheid van het huidige gemeentereglement over de belasting op “wooneenheden zonder domicilie”.

Die eerste arresten zijn nu geveld. Daarin wordt, na Knokke-Heist en Koksijde, nu ook het gemeentereglement van De Panne door het Hof van beroep te Gent in strijd geacht met het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod.  Het is nu afwachten hoe de gemeente De Panne op die uitspraken zal reageren. Wellicht zal ze laten onderzoeken of er een kans op verbreking van het arrest door het Hof van Cassatie bestaat, vooral sinds dat Hof gelijkaardige arresten inzake Koksijde en Knokke-Heist heeft verbroken wegens gebrekkige verantwoording. Wij houden u in elk geval op de hoogte van het verder verloop.

 

Koksijde verliest voorlopig op alle fronten over de gemeentebelasting op tweede verblijven

Negen positieve arresten over de belasting op toeristische verblijfplaatsen
Op 18 januari 2025 heeft het Hof van beroep in Gent negen arresten geveld waarin de gemeentebelasting op toeristische verblijfplaatsen in Koksijde (aanslagjaar 2020) strijdig werd bevonden met het gelijkheidsbeginsel. Met “toeristische verblijfplaatsen” worden woningen bedoeld die in recreatiezones (bijv. in een vakantiepark) gelegen zijn. De gemeente wordt veroordeeld tot betaling van de gerechtskosten en – desgevallend- terugbetaling van de onrechtmatige belasting aan de betrokkenen. Voor toeristische verblijfplaatsen in recreatiezones heft Koksijde een belasting via een afzonderlijk fiscaal reglement. Daarom geldt de rechtspraak over de gemeentebelasting op tweede verblijven (bijvoorbeeld appartementen op de zeedijk), niet automatisch voor de gemeentebelasting op toeristische verblijfplaatsen. Het gaat immers over twee verschillende fiscale reglementen die niet op dezelfde wijze zijn gemotiveerd. 
Koksijde verroert geen vin tenzij de deurwaarder wordt uitgestuurd
Er moet nu afgewacht worden of Koksijde tegen één van de negen arresten een cassatieprocedure zal starten. De gemeente moet daarover beslissen binnen een termijn van drie maanden vanaf de betekening van de arresten door een deurwaarder. Ervaring leert dat de gemeente geen vin verroert   zolang de arresten niet betekend worden die voor haar negatief uitgevallen zijn. Daarom overwegen we met TWERES of de kosten voor die betekening – 267,50 € per arrest – door de vereniging voorgeschoten kunnen worden. Een voorziening in cassatie door de gemeente tegen één van de negen arresten, heeft niet tot gevolg dat de betekende arresten door de gemeente niet uitgevoerd moeten worden. 
Wachten op cassatie tegen het arrest van 6 februari 2024?
Een cassatieprocedure loopt momenteel reeds tegen het arrest dat het Hof van beroep op 6 februari 2024 heeft geveld en waarin Koksijde in het ongelijk werd gesteld met betrekking tot de gemeentebelasting op tweede verblijven (andere dan toeristische verblijfplaatsen). De uitspraak daarover wordt pas in het voorjaar van 2026 verwacht en een verbreking van het arrest van 6 februari lijkt niet waarschijnlijk.  In principe heeft een verbreking van het arrest van 6 februari 2024 ook geen rechtstreekse gevolgen voor alle andere lopende procedures. Enkel het dossier van het koppel dat in die zaak een bezwaarprocedure voerde, wordt dan naar een andere hof van beroep verwezen om opnieuw behandeld te worden.  In hoeverre dan het Hof van beroep haar rechtspraak zal aanpassen, hangt af van de inhoud van het cassatiearrest. Dat moet dus worden afgewacht.
Over tweedeverblijftaks nu al ruim 160 positieve vonnissen in eerste aanleg 
Sinds het begin van dit jaar blijft de rechtbank van eerste aanleg te Brugge vonnissen vellen waarin de gemeentebelasting op tweede verblijven in Koksijde onwettig wordt verklaard. Dezelfde rechtbank velde nu reeds ongeveer 160 vonnissen in diezelfde zin sinds het midden van 2024. Telkens gaat het dus om betwistingen over het aanslagjaar 2022. De rechtspraak van de rechtbank van eerste aanleg in Brugge was tot het voorjaar van 2024 steevast in het nadeel van de eigenaars van tweede verblijven. Sindsdien is dat dus veranderd. Dat betekent dat voor alle vonnissen over de aanslagjaren 2020 en 2021 (en ook voor deze over aanslagjaar 2022 maar uitgesproken vóór het voorjaar van 2024) waarin hoger beroep werd ingesteld door onze advocaten, op een arrest van het Hof van beroep wordt gewacht. Samen met ons kijkt dat Hof nu uit naar het oordeel van Cassatie tegen het arrest van 6 februari 2024.  De bezwaarprocedures tegen de aanslagen van 2023 en 2024 wachten momenteel op behandeling door de rechtbank van eerste aanleg in Brugge. 
Ondertussen talmt Koksijde reeds maanden om tegen de 160 vonnissen waarin de gemeente ongelijk kreeg, beroep aan te tekenen. Koksijde argumenteert  dat “om proceseconomische redenen” op de uitslag van de cassatieprocedure tegen het arrest van 6 februari 2024 moet worden gewacht. Het is echter niet uitgesloten dat de gemeente ook dan niets van zich laat horen en de eigenaars die gelijk hebben gekregen, in de kou laat staan.  Daarom besliste TWERES om, ondanks de kosten,  in elk geval reeds 150 vonnissen (uitgesproken vanaf midden 2024 tot eind februari 2025) waarin Koksijde in het ongelijk werd gesteld, door een deurwaarder te laten betekenen. De gemeente moet dan binnen de maand beslissen of ze al dan niet in hoger beroep gaat. Indien de gemeente uiteindelijk ongelijk krijgt, zal ze naast de gerechtskosten ook nog voor de deurwaarderskosten moeten opdraaien. 
We gaan door in 2025
Voor het aanslagjaar 2025 krijgen de eigenaars van tweede verblijven of toeristische verblijfplaatsen in Koksijde binnenkort opnieuw hun aanslagbiljet in de brievenbus. Leden van TWERES kunnen dan, zoals vorige jaren, beslissen om de belasting niet te betalen en een bezwaarprocedure opstarten via het deelnameformulier op deze website (surf naar https://tweres.be/actie-gemeentebelasting/ of klik op de witte knop “actie gemeentebelasting” rechts bovenaan in het menu op de thuispagina).

Knokke-Heist betaalt aan 18 tweedeverblijvers omstreden gemeentetaks en gerechtskosten terug

Op 5 november had het Hof van beroep in Gent in 18 procedures de belasting op tweede verblijven in Knokke-Heist onwettig verklaard en de gemeente veroordeeld tot terugbetaling van die belasting en vergoeding van de gerechtskosten. Zoals in eerdere arresten oordeelde het Hof opnieuw dat de gemeente het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel schendt door geen aanvullende personenbelasting te heffen op het inkomen van vaste bewoners. Volgens het Hof rechtvaardigt Knokke-Heist onvoldoende waarom eigenaars van tweede verblijven in de gemeente wèl worden belast. De rechters vinden de redenen die de gemeente daarvoor aanhaalt, niet overtuigend en achten het verschil in fiscale behandeling van de tweedeverblijvers in vergelijking met de vaste inwoners, discriminerend.

Onlangs heeft de gemeente beslist om de arresten waarin ze ongelijk kregen, vrijwillig uit te voeren “onder voorbehoud van cassatie”. Ondertussen hebben de meeste betrokken tweedeverblijvers via hun belangenvereniging TWERES, die voor hen de bezwaarprocedures voerde, de bedragen op hun bankrekening ontvangen.

De gemeente Knokke-Heist is in verband met de belasting op tweede verblijven reeds meermaals in het ongelijk gesteld door het Hof van beroep te Gent. Dat gebeurde, voor wat betreft het momenteel geldende fiscaal gemeentereglement, een eerste keer in een arrest van 2 mei 2023. Tegen dit eerste arrest heeft de gemeente een voorziening in cassatie ingediend. Het cassatiearrest daarover wordt tegen eind 2025 verwacht.

De kans dat het Hof van Cassatie het arrest van 2 mei 2023 zal verbreken is wellicht niet zeer groot maar natuurlijk niet volledig uit te sluiten. Indien het arrest effectief wordt verbroken, wordt die zaak verwezen naar een ander  hof van beroep (wellicht Antwerpen) en daar opnieuw ingeleid. In dat geval kan niet met absolute zekerheid uitgesloten worden dat het andere Hof anders oordeelt dan het Hof van beroep te Gent. Een eventueel arrest waarin geoordeeld wordt dat de gemeentebelasting van 2021 toch rechtmatig werd geheven, is theoretisch dus nog mogelijk, echter zeker niet voor 2027 of 2028.

Indien dat zou gebeuren, kan de gemeente Knokke-Heist op dat moment in theorie nog beslissen om ook in andere gelijkaardige dossiers nog een voorziening in cassatie in te dienen. Zij kan natuurlijk ook erop rekenen dat, zolang haar advocaten erin slagen om een zweem van juridische onzekerheid in stand te houden, slechts een minderheid van tweedeverblijvers een bezwaarprocedure zullen inleiden. Voorlopig blijft het aantal tweedeverblijvers die in Knokke de gemeentebelasting voor het gerecht betwisten, beperkt tot enkele tientallen per aanslagjaar. Zolang het Hof van Cassatie niet ingrijpt, leidt elke procedure momenteel tot een veroordeling van de gemeente, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep.